Super leuk dat je geïnteresseerd bent in mijn blogs!

Omdat ik merkte dat het voor sommige mensen best onhandig is om twee websites in de gaten te houden, heb ik besloten op nog maar één pagina te posten.

Dus…ga je mee naar de site van Managing Happiness?

Read More

Onlangs sprak ik op een congres voor managers over positief leiderschap. Na een korte introductie over het onderwerp liet ik hen de keuze voor het verdere gesprek. Waar willen jullie het over hebben? Met welke issues kampen jullie waarbij ik jullie wellicht kan helpen?

Eén van de onderwerpen die ter sprake kwam, was hoe je als leidinggevende je werk goed blijft uitoefenen als je zelf niet zeker bent van je baan. Iets wat bij veel leidinggevenden op dit moment wellicht speelt. Subvragen die hierbij aan bod kwamen, waren:

  • In hoeverre toon je je eigen emoties als manager?
  • Hoe ga je om met het feit dat jij meer informatie hebt dan de medewerkers?
  • Hoe ga je om met het feit dat je weliswaar meer informatie hebt dan de medewerkers, maar ook nog niet alle informatie?

Al pratende kwamen wij tot de conclusie dat je als manager best je eigen emoties mag tonen. Wel op een gepaste manier natuurlijk. Wij vonden het nadeel dat je medewerkers ervan zouden kunnen schrikken of je niet sterk genoeg zouden vinden, niet opwegen tegen de voordelen. Die voordelen waren in onze ogen o.a.:

  • dat je daarmee naar je medewerkers uitstraalt dat het oké is om bang en verdrietig te zijn
  • dat je ruimte geeft voor een gesprek daarover
  • dat het je de mogelijkheid biedt om een band op te bouwen met de medewerker
  • dat je laat zien dat je zelf ook maar gewoon een mens bent en dat daardoor ook meer begrip van je medewerkers naar jou toe ontstaat

De tweede vraag die werd gesteld, hing nauw samen met de derde. Hoe ga je om met de informatie die je wel of niet hebt? Voor velen was dit een heel vervelend punt dat nou eenmaal inherent was aan de functie die men bekleedde. Het is nou eenmaal zo dat je als leidinggevende meer of eerder informatie hebt dan anderen, dat hoort erbij. En hoewel dat heel vervelend kan voelen, was iedereen het erover eens dat deze informatie niet gedeeld mocht worden tot het afgesproken moment. De gevolgen die kunnen ontstaan als de ene leidinggevende iets wél zegt en de andere niet, zijn namelijk nog veel vervelender en niet te overzien. Dan pas voelen mensen zich echt gepasseerd en onheus bejegend.

Transparantie was het codewoord. Dus duidelijk naar de medewerkers communiceren ‘Soms weet ik dingen die ik nog niet kan vertellen en dat zal ik dan ook niet doen. Maar zodra ik het mag vertellen, zal ik alles zo duidelijk, eerlijk en compleet mogelijk vertellen als ik kan. Ik zal nooit zeggen dat ik iets niet weet, terwijl ik het wel weet. Als ik het niet weet, dan zeg ik ‘Ik weet het niet.’ Als ik het wel weet, maar ik mag het niet vertellen, dan antwoord ik dat. Zo weten jullie altijd waar jullie aan toe zijn.’

Het was een mooie bijeenkomst met een interessante en open dialoog over een onderwerp dat bij veel leidinggevenden leeft.

Read More

Hier ben ik het nou helemaal mee eens!” riep ik toen ik de uitspraak las, “en dat geldt niet alleen voor kinderen!” De uitspraak was: ‘Kinderen moeten leren hóé ze moeten denken, niet wát ze moeten denken.’

Blijkbaar wordt op veel scholen kinderen geleerd wat ze moeten denken en leren ze niet hoe ze het beste kunnen denken. In veel organisaties zag ik hetzelfde…tot voor kort.

Steeds meer organisaties introduceren namelijk het begrip Design Thinking, een denkmethode waarbij de eindgebruiker centraal staat en die erop is gericht om tot nieuwe oplossingen of ideeën te komen. Het is een denkproces waarbij het einde niet vastligt, maar waarbij je erop moet vertrouwen dat het proces zal leiden tot een goed resultaat. In tegenstelling tot het analytische denkproces dat wij gewend zijn, zegt het ons dus niet wát we in elke fase moeten denken, maar stimuleert het ons óm in elke fase te denken.

En dat is maar goed ook, want met leren wát we moeten denken, redden we het in deze tijd simpelweg niet. De ‘oude manier’ leert ons namelijk niet hoe we met veranderingen om moeten gaan. De tijd waarin we leven wordt gekenmerkt door slechts één constante en dat is verandering. Alles verandert continu en in rap tempo. Het laat alles waarvan we tot voor kort zeker waren wankelen. Onze financiële zekerheid is niet meer gegarandeerd, een diploma geeft geen garantie meer op een baan, dat je in je eigen buurt je eigen taal kunt spreken én wordt verstaan, is niet meer vanzelfsprekend en dat je met je kennis en kwaliteiten altijd wel ergens aan de bak kunt, is ook nog niet zo zeker.

Hoe blijf je dan in hemelsnaam overeind als alles zo wankelt? Ik denk dat je twee dingen kunt doen. Het eerste is in contact staan met jezelf. Op het moment dat je jezelf een beetje kent en mag, kun je dat als anker gebruiken bij het nemen van beslissingen. ‘Past dit echt bij me? Word ik hier gelukkig van? Voegt dit iets toe aan de dingen en mensen die ik belangrijk vind in het leven?’ Dit klinkt wellicht heel egoïstisch, maar ik denk dat deze zelfkennis juist nodig is om anderen beter te kunnen dienen. Het zorgt ervoor dat je minder wordt gedreven door angst en twijfel en je je dus juist méér om anderen kunt bekommeren en dingen kunt ontwikkelen waaraan anderen behoefte hebben.

Het tweede is flexibiliteit van geest. Kunnen schakelen in je denken, kunnen zien wat de ene verandering voor gevolgen heeft voor de andere en daarop inspelen, niet vasthouden aan voorspelbaarheid, maar erop vertrouwen dat je inspanningen zullen leiden tot een passende oplossing. Alleen dan kun je van toegevoegde waarde blijven op de arbeidsmarkt. Als wij kinderen op school en mensen in organisaties blijven vertellen wát ze moeten denken en leren, dan ontwikkelen ze deze flexibele geest nooit. Eén ding weten we zeker, wat we ze nu leren, is op een gegeven moment achterhaald, en dat moment komt waarschijnlijk sneller dan we nu denken. Laten we ze helpen om te leren hóe ze kunnen denken!

 

Read More

Toen ik in het callcenter werkte, verbaasde ik me soms over de flair en het enthousiasme waarmee mensen in de pauze stonden te vertellen over de dingen die ze in hun vrije tijd deden. Vooral één dame intrigeerde mij enorm. De energie waarmee ze vertelde, verschilde zoveel van de energie waarmee zij aan de telefoon zat, dat ik besloot haar hierover aan te spreken. Ik vertelde haar wat me was opgevallen en hoe leuk ik het vond om haar zo te zien vertellen en stralen. Ik vroeg haar hoe het kwam dat als ze aan de telefoon zat ze met zo’n andere energie, toon en uitstraling met de klanten in gesprek was. Zij antwoordde dat dat kwam doordat ze zich niet kon vinden in het script dat ze van ons had gekregen. Oei, het script had z’n doel voorbij gestreefd. Het was ooit bedoeld als handleiding voor nieuwe werknemers om hen op weg te helpen een goed gesprek te voeren. Het was niet bedoeld als harnas.

Gelukkig kon ik haar direct geruststellen dat zij best van het script mocht afwijken als de kern van de boodschap maar hetzelfde was. Dat zij haar eigen weg hierin mocht vinden. Dit vond zij fijn en eng tegelijk, want hoewel ze het script niet prettig vond, wist ze ook niet goed hoe ze het anders moest doen. Terwijl de rest aan het bellen was, zijn wij vervolgens met z’n tweeën naar het toilet gegaan en voor de spiegel gaan staan. Ik met mijn rug ernaar toe, zij over mijn schouder in de spiegel kijkend. “Oké, weet je wat de boodschap is die je over wilt brengen?” “Ja, dat weet ik.” “Ga het dan nu eens op allerlei verschillende manieren tegen mij zeggen (ik ben zogenaamd de klant) en voel en kijk waar je je het prettigst bij voelt.” Zo gezegd, zo gedaan. We hebben ongeveer 10 minuten geoefend met allerlei verschillende zinnen en toen had ze de gespreksopening die voor haar het beste werkte. Die hebben we vervolgens nog een aantal keer geoefend, waarbij zij zichtbaar meer ontspannen en enthousiast werd. Zichtbaar voor mij én zichtbaar voor haar. Met dit gevoel is zij vervolgens op haar eigen manier weer gaan bellen en binnen een week was zij de topscoorder van mijn team!

Dit voorbeeld is me altijd bijgebleven. Ik vond het zo verbluffend om te zien wat een verschil in werkplezier én resultaat iemand kan behalen als hij (of zij in dit geval) zijn eigenheid erin kwijt kan! Later leerde ik dat autonomie inderdaad één van de pijlers is van bevlogenheid en daarmee van geluk. Ik zou dan ook iedere leidinggevende willen aanraden om procedures zodanig te ontwerpen dat de mensen die ermee moeten werken ook nog de vrijheid hebben om er hun eigen draai aan te geven. Zij zijn degenen die ermee moeten werken. Als zij zich er niet senang bij voelen, gaat het gewoon niet werken. En als zij zich er juist wél happy bij voelen, kun je resultaten behalen en oplossingen zien die je van te voren niet voor mogelijk had gehouden!

Read More

Wat was het leuk om de 30/30 Facebook Challenge te doen! En wat was het spannend en confronterend en mooi!

Zoals ik in het vorige blog schreef, was ik een uitdaging met mezelf aangegaan: 30 dagen lang geef ik iemand via Facebook een muzikaal kadootje. Een liedje dat mij doet denken aan die persoon, ik bij hem/haar vind passen of waarvan ik denk dat ik de ander er op dat moment blij mee kan maken. Zo gezegd, zo gedaan!

Tijd om terug te blikken. Wat heeft het opgeleverd? Was het de moeite waard? Zou ik het nog een keer doen? Dit is wat ik heb ervaren:

  • Muziek is leuk! Vóór de challenge luisterde ik lang niet elke dag naar muziek. Maar wat heb ik ervan genoten om de dag te beginnen met vrolijke of mooie muziek! Het brengt je direct in de stemming die je meeneemt de rest van de dag. Ik zet nu veel vaker ’s ochtends muziek op.
  • Het is maar net hoe je luistert. Ik ging niet alleen méér naar muziek luisteren, ik luisterde ook anders. Iedere keer als ik een liedje hoorde op de radio of op tv dacht ik: “Voor wie zou dit geschikt zijn? Bij wie zou dit passen?”. Om deze vragen te kunnen beantwoorden, moest ik niet alleen letten op de emotie die het opriep, maar ook op de songteksten. Soms hoorde ik dingen die ik nooit eerder had gehoord, terwijl ik het liedje toch al jaren kende. Heel leuk om te ervaren!
  • Het is hartstikke leuk en waardevol om de dag te beginnen met iemand in gedachten. Je bent even met je volledige aandacht bij die persoon, stemt op hem of haar af en bedenkt wat je kunt doen om de ander blij te maken. Hoe mooi is dat? Wat er die dag ook zou gebeuren, dat had ik in ieder geval al in the pocket!
  • Je voelt je verbonden met de ander. Niet alleen op het moment van afstemming, maar zeker ook nadat de ander het bericht heeft gelezen. Bijna altijd als iemand het bericht had gelezen, volgde er binnen een half uur een telefoontje, berichtje of appje. En altijd was de insteek positief!
  • Niet alles draait om mij. Soms hoorde ik ook niks. Dan ging ik twijfelen aan mezelf. Zou de ander het wel leuk hebben gevonden? Was het misschien niet de juiste muziekkeuze? Of was het misschien niet het goede moment? Ik heb ervoor gekozen om als ik geen reactie kreeg binnen een paar dagen contact op te nemen om te checken of het verkeerd was gevallen. Nooit bleek dit zo te zijn. Men had gewoon niet op Facebook gekeken of het bericht was niet goed doorgekomen. Tja, dat kon natuurlijk ook :-)
  • Geven om te geven. Op de momenten dat ik niets hoorde, moest ik heel eerlijk zijn naar mezelf. Gaf ik om te geven of gaf ik stiekem om iets terug te krijgen? Beide niet erg, maar wel verschillend van insteek.
  • De waarde van geven. Het deed me ook nadenken over de betekenis van geven. Want wat is de waarde van geven als het niet wordt ontvangen (doordat bv Facebook niet goed werkt)? Voor mij had het geven an sich nog steeds heel veel waarde om alle bovengenoemde en hierna te noemen redenen, maar eerlijk is eerlijk, ik vond het echt een stuk leuker als het werd ontvangen en de verbinding tot stand kwam. Voor mij is dat blijkbaar belangrijk en gelukkig gebeurde dit dus bijna altijd!
  • De kunst van het stoppen. En toen kwam het moment dat ik er eigenlijk wel een beetje klaar mee was. Mijn lijst met mensen om iets aan te geven, begon een beetje op te raken en ik merkte dat ik het moment van plaatsen op Facebook voor me uit begon te schuiven. En dat terwijl ik pas drie weken onderweg was met mijn 30/30 challenge. Nu kwam de duivel in mijn hoofd naar boven. “Dat kun je niet maken! Je hebt gezegd dat je het 30 dagen zou doen. Heb je dan soms niet genoeg vrienden? Of maak je je er gemakkelijk van af?” Al deze argumenten hoorde ik en toch heb ik besloten om voortijdig te stoppen. Belangrijkste reden hiervoor was dat ik het toch uiteindelijk voor mijn eigen plezier deed en ik aan niemand ook maar iets verplicht was. En deed ik het niet meer met plezier, dan zou het ook niet het gewenste effect hebben, daarvan was ik overtuigd. Ik wilde echter niet lafjes stoppen of het met een sisser laten aflopen, dus plaatste ik een berichtje op Facebook:

22 Muzikale Kadootjes uitgedeeld, 22 keer met volle aandacht bij iemand geweest om muziek uit te zoeken, 22 dagen dus zelf de dag begonnen met mooie muziek, 22 dagen genoten!

  • Je weet nooit precies wat je actie in beweging zet, dus doe het maar gewoon! En toen kwam de laatste les…. dit laatste berichtje leverde een stortvloed aan lieve berichtjes op. Ik kreeg appjes en ik kreeg telefoontjes, ik kreeg zelf liedjes toegestuurd en per post een week lang van één en dezelfde persoon een kaartje met lieve woorden. In een gesprek twee maanden later vertelde iemand dat hij mijn actie op Facebook had gezien en het zo creatief vond en er blij van werd. Ik wist helemaal niet dat hij mij volgde!

Ik kijk terug op een hele mooie periode! Ik ben blij dat ik het heb gedaan en ik ben blij dat ik mezelf heb gegund er voortijdig mee te stoppen. Ik ben overweldigd door de warmte die ik heb mogen ontvangen en weet nu heel zeker: 1) positieve emoties zijn besmettelijk en 2) wie goed doet, die goed ontmoet!

Dank jullie wel!

Read More

Ze ging voor een klaplong het ziekenhuis in, enkele maanden later was haar been geamputeerd. Ziekenhuisbacterie. Ik was er toevallig bij toen de dokter het kwam vertellen. Mijn oom was zijn aardappelen aan het eten, ik was mijn tante aan het voeren toen de zaalarts binnenkwam. Hoe het ging. ‘Niet zo goed,’ antwoordde mijn oom. Nee, dat dachten zij ook. Daarom wisten ze niet of ze het been wel konden behouden. ‘Wat zegt u nu?’ ‘Ja, de wond herstelt zo slecht dat we niet weten of we het been kunnen behouden.’ En toen ging ze weer. Zei ze dat nou echt? Ik keek naar mijn oom, hij begon te huilen. Flinke tranen. Of het de eerste keer was dat hij moest huilen. ‘Nee, vorige week is ze ook al met zo’n boodschap binnengekomen. Toen zei ze: ‘Meneer, ik wilde u nog even laten weten dat wij hebben besloten uw vrouw niet meer te reanimeren, mocht er iets mis gaan tijdens de operatie.’ Ik was geschokt.

Empathie…het ontbrak hier.

Empathie, één van de belangrijkste vaardigheden om een relatie op te bouwen. Het is het vermogen om je in de gedachten en gevoelens van de ander in te leven. Ik zie het niet vaak expliciet terugkomen in trainingen, functieprofielen of op gespreksagenda’s. Empathie leidt tot meer verbondenheid en effectievere communicatie. Als u een hechtere relatie wilt met uw patiënt, klant, medewerker, collega of leidinggevende, besteed dan alstublieft aandacht aan empathie.

Read More

Vandaag vielen twee dingen samen. Ik liep in de zon met mijn iPod op en was werkelijk aan het genieten van de muziek. Met een grote lach op mijn gezicht liep ik als een vreemde door een bekende stad. Eerder deze ochtend had ik een nieuwe werkvorm voor het Complimentenkwartet op Facebook geplaatst. Deze klonk als volgt:

Iets voor een ander doen, maakt gelukkig! Direct doordat je er zingeving aan ontleent, indirect doordat je daardoor werkt aan een positieve relatie tussen jullie beiden. Loop vandaag eens door de stapel met kaarten van het Complimentenkwartet en kijk eens waarmee jij een ander vandaag zou kunnen helpen.

Ook ik had vanochtend een kaart gekozen en ging iemand helpen. Dat heb ik gedaan en dat voelde goed.

Terwijl ik mijn muziekje aan het luisteren was, moest ik hieraan denken. Zoals dat wel vaker gaat bij mij, kwam van de ene gedachte de andere en koppelde ik deze aan elkaar. Ik dacht aan de challenge die Barbara Kerstens onlangs is aangegaan: 30/30 Facebook. 30 dagen lang heeft zij iedere dag een fotocollage van die dag gemaakt en op Facebook geplaatst. Iedere dag koos zij een thema en een kleur die als uitgangspunt dienden voor haar collage. Ook tagde zij iedere dag één persoon in het bijzonder aan deze collage. Super leuk om te doen (volgens Barbara) en super leuk om te ontvangen (is mijn eigen ervaring).

Wat als ik nu eens iedere dag via Facebook iemand een muzikaal kadootje geef? Een liedje dat mij doet denken aan die persoon, ik bij hem/haar vind passen of waarvan ik denk dat ik de ander er op dat moment blij mee kan maken.

Nu ik het opschrijf, vind ik het al eng. Want ik ben helemaal geen muziekkenner en ik ken zeker ook niet de muzieksmaken van alle mensen die nu al bij mij opkomen!

Maar toch ga ik het doen. Gewoon op gevoel en gewoon omdat het misschien leuk is. No guts, no glory.

Read More

Ooit gehoord van Hotel Impossible? Eerste Hulp bij Opvoeden? Herrie in de keuken? Allemaal veranderprogramma’s op tv waarin een expert wordt ingevlogen om een bedrijf of een gezin ‘te redden van de afgrond’.

De experts komen allemaal uit de business en weten hoe het is om een hotel of restaurant te runnen of een kind op te voeden. Ze hebben ervaring, verstand van zaken en bewezen effectiviteit. Ze hebben een heel team van mensen om zich heen dat hen aanvult en ondersteunt. Allemaal fantastisch.

Deze mensen lijken daarnaast echter nog iets met elkaar gemeen te hebben: ze zijn vaak heel direct, op het botte af soms. Soms zit ik echt met kromme tenen te kijken als Anthony Melchiorri zijn bevindingen terugkoppelt aan de eigenaar van het hotel. Het is zo direct en ongenuanceerd dat je de ontvangende partij letterlijk achterover ziet deinzen en met de ogen ziet knipperen.

Hoewel al deze experts wellicht iets te bot zijn, wat ongetwijfeld ook gebeurt om er interessante televisie van te maken, doen ze wel iets wat veel verandermanagers achterwege laten. En dat is de vinger op de zere plek leggen.

Als je interventies wilt ontwerpen die écht werken, moet je de vinger op de zere plek durven leggen. Je moet durven benoemen wat je ziet, hoort, merkt, voelt of opvalt. Je moet het gesprek durven aangaan en vragen durven te stellen. Als je dat niet doet, is het risico namelijk heel groot dat je interventies aan het ontwerpen bent die geen wezenlijk verschil gaan maken.Als je de angel er niet uit haalt, omzeil je het probleem en houd je het systeem in stand.

Sterker nog, door dan toch interventies te gaan ontwerpen en implementeren, versterk je het ineffectieve systeem alleen maar. Impliciet geef je dan namelijk de boodschap af dat het probleem inderdaad te moeilijk en spannend is om op te lossen en dat het prima is om het niet aan te gaan. En dat is niet waarvoor je als verandermanager bent gekomen. Aan de andere kant betekent het ook dat de ontvangende partij bereid moet zijn ermee aan de slag te gaan, want zonder hen verandert er helemaal niets.

Read More

Vorige week had ik de eer een rol te mogen vervullen tijdens de première van Fier. Fier is een prachtig en succesvol initiatief van Stichting Welzijn Ouderen Arnhem waarbij licht tot matig dementerende ouderen worden geholpen om een dagbesteding te vinden die aansluit bij hun kwaliteiten. Eén van de deelnemende ouderen is bijvoorbeeld altijd onderwijzeres geweest en las vanuit haar rolstoel wekelijks voor aan de kinderen van een nabijgelegen basisschool. In de documentaire die in première ging, beschrijft zij hoeveel plezier en zingeving haar dit geeft én hoeveel verlichting het voor de mantelzorger oplevert. Wat een mooie win-win situatie!

Tijdens deze avond was ik gespreksleider en in de voorbereiding hierop kwam de volgende vraag bij mij op:

Is er iets waarvan u hoopt het nog te kunnen doen als u oud bent?

Deze vraag kon ik natuurlijk niet alleen het publiek stellen, maar ook mezelf. Eén van de eerste dingen die bij me opkwam, was ‘reizen’, maar daarvan weet ik dat het eindig is. Mijn peettante, nu 87, zegt steeds tegen mij “Kind, doe het nu! Want als je zo oud bent als ik, kán je niet meer, wíl je niet meer en heb je zóveel aan de herinneringen aan de reizen die je toen hebt gemaakt. Doe het nú!”

Ik sta nu weer vlak voor een mooie reis en dan lees ik altijd weer wat meer over reizen en mensen die op reis gaan. Eén van deze mensen is Esther Jacobs, reiziger, ondernemer, spreker en auteur van boeken als ‘Handboek voor wereldburgers’ en ‘Digital Nomads’. Zij wordt ook wel de ‘no excuses lady’ genoemd, omdat zij in iedere uitdaging een kans ziet en er gewoon voor gaat. Dat is dus blijkbaar haar talent. Haar antwoord op de vraag ‘Wat hoopt u nog te kunnen doen als u zo oud bent?’.

Als zij de ‘no excuses lady’ is, wat voor lady ben ik dan? Welke woorden kenmerken mij? Wat hoort zo bij mij dat ik het ook op latere leeftijd nog zou doen?

De twee woorden die mij kenmerken zijn ‘verbinden & verbanden’. Wat ík niet kan laten, is mensen met elkaar verbinden en verbanden leggen tussen dingen die ogenschijnlijk niets met elkaar te maken hebben. Het resultaat? Harmonie en samenwerking en nieuwe ideeën en oplossingen. En eigenlijk hoort daar nog een derde woord bij en dat is ‘vragen’. Want de manier waarop ik dat bereik, is door vragen te stellen. Ik stel altijd vragen, ik vraag altijd door. Ik wil het begrijpen, de overeenkomsten vinden, verbanden ontdekken, onderzoeken waar mensen en dingen elkaar raken of kunnen versterken.

Misschien is dat eigenlijk wel de kern: Judith Becker, vragensteller. Het past ook wel bij een anekdote uit mijn jeugd. Toen ik zeven jaar was, mocht ik een keer met mijn tante en nicht mee op vakantie naar Zuid-Frankrijk. Tijdens de vakantie kon ik zakgeld verdienen door taakjes uit te voeren. Zo kon ik bijvoorbeeld geld verdienen door zelf bij de bakker pain au chocolat te bestellen of door zelf bij het zwembad te gaan vragen of ik daar mocht zwemmen en wat het kostte…in het Frans natuurlijk allemaal. Na een week kon ik echter ook nog op een andere manier mijn zakgeld verdienen, namelijk door een hele dag geen ‘Hoezo?’ te zeggen. Blijkbaar werd het mijn tante en nicht een beetje teveel dat ik alles wilde weten, leren en begrijpen. :-)

Hoeveel geld ik met deze laatste opdracht heb verdiend, zou ik echt niet meer weten. Maar mezelf een beetje kennende, vermoed ik dat ik liever een keer extra naar de bakker of het zwembad liep, dan een dag lang geen vragen stellen!

Meer weten over Fier? Kijk hieronder de trailer of kijk op de site van SWOA.

Read More

Afgelopen zaterdag liep ik in het Boijmans van Beuningen Museum in Rotterdam en opeens zag ik het! Geïnspireerd door kunstenaars die door middel van hun kunstwerken hun visie op de toekomst gaven, zag ik opeens de toekomst van een stukje van mijn eigen vakgebied: de betekenis van HR gaat veranderen! Staat HRM nu nog voor Human Resource Management, in de toekomst zal dit staan voor Human Relation Management.

Zo vlak voor de vakantie had ik een aantal dingen gelezen en meegemaakt die ik nog niet met elkaar in verband had gebracht:

  • Trendwatchers als Adjiesj Bakas plaatsten cijfers bij de verdere flexibilisering van de arbeidsmarkt. Waar twee decennia geleden nog 75% van de mensen in loondienst was, was dat in afgelopen jaar 50% en verwachten zij dat dit in 2020 nog maar 35% is.
  • Tijdens een lezing had ik dezelfde meneer Bakas horen vertellen dat er in de toekomst niet genoeg werk zal zijn om iedereen fulltime aan het werk te houden. Mensen gaan terug naar een werkweek van 24-28 uur en hebben de daarmee genoeg inkomsten om in hun levensonderhoud te voorzien. Niet omdat ze in minder tijd meer gaan verdienen, maar omdat ze minder nodig hebben. De behoefte aan materieel bezit neemt af en de behoefte aan zingeving neemt toe. Mensen gaan ruilen, zelf verbouwen, elkaar weer verzorgen. Allemaal dingen die ze kunnen doen in de tijd die ze over hebben omdat ze niet meer fulltime werken.
  • In een aantal tijdschriften die ik op de vakantie-leesstapel had liggen, las ik interviews van dames en heren, jongens en meisjes, die niet één maar meerdere banen hadden. ‘Ik ben creatief en ondernemend, maar heb ook behoefte aan zekerheid. Ik heb behoefte aan vrijheid, maar maak ook graag onderdeel uit van een team. Dat vind ik nooit in één en dezelfde functie. Waarom zou ik me daar dan op richten als ik ook meerdere functies kan combineren en zo in alle behoeften kan voorzien?’ Slashies noemt men deze mensen. Mensen die grafisch vormgever/projectmanager/oppas/cateraar zijn.
  • Zelf merk ik deze tweestrijd ook in mijn dagelijkse praktijk. Zowel ikzelf als de organisaties waarmee ik werk zoeken naar een manier om het beste samen te werken. De oude manier werkt voor beide partijen niet echt meer en een nieuwe manier is er nog niet. Elke keer weer is het afstemmen wie welke behoefte heeft en hoe we daar het beste vorm aan kunnen geven. De ene keer is dat als freelancer, dan als interimmer en de derde keer als partner waarin we gelijkwaardig samen optrekken richting de markt.

Allemaal trends die ik goed kon plaatsen en waar ik ook wel beelden bij had. Maar pas in het museum overzag ik de consequenties van deze trends voor leidinggevenden en mijn vakgebied. Mensen zien zichzelf niet meer als ‘medewerker’ maar als ‘meewerker’. Gedurende een bepaalde periode werken zij mee aan een bepaalde klus waarin zij alles geven en volledig van elkaar afhankelijk zijn om het project te laten slagen. Is de klus afgerond, dan drinken ze nog samen een biertje, geven ze elkaar de hand en dan gaat ieder zijnsweegs. Totdat er een volgende klus komt waar ze elkaar weer nodig hebben en dan zoeken ze elkaar weer op.

Een leidinggevende heeft in de toekomst dus geen Human Resources meer tot zijn beschikking. Althans, niet vanzelfsprekend. Hij heeft geen bataljon arbeidskrachten meer onder zich dat hij kan inzetten waar hij denkt ze het beste in te kunnen zetten. Mensen bepalen zelf wat ze doen op basis van hun talenten en dat waar ze voldoening uit halen. De belangrijkste taak van de leidinggevende van de toekomst is dan ook om de Human Relations te managen. Om ervoor te zorgen dat hij goede contacten heeft met allerlei verschillende mensen die hij kan inschakelen op het moment dat hij bepaalde kwaliteiten nodig heeft rondom een bepaald project. Met ieder van hen moet hij afspraken maken over de vergoeding, de manier van samenwerken en het aantal uren of de deliverables die opgeleverd moeten worden. Aangezien hij dit niet steeds weer helemaal opnieuw wil doen, is het van belang dat hij de relatie met deze meewerkers goed houdt, ook als ze op dat moment niet aan een van zijn klussen werken. En heeft hij dan iedereen om zich heen verzameld, dan moet hij ervoor zorgen dat iedereen vanuit dezelfde visie werkt, naar hetzelfde doel toe werkt en dat ook nog eens op een zo prettig en effectief mogelijke manier doet. Niet eenvoudig als er geen gezagsverhouding meer is en iedereen verschillende (prijs)afspraken en belangen heeft!

Het is een uitdagende taak die wellicht nieuwe kennis en vaardigheden vraagt, maar mijns inziens ook een mooie taak. De leidinggevende van de toekomst heeft de mogelijkheid om de juiste mensen met elkaar te verbinden waardoor positieve energie vrijkomt en mensen met plezier en enthousiasme werken én thuiskomen. Zo gaat de slashie na een ochtend knallen als communicatie-adviseur vol goede moed en goede zin naar zijn overburen waar hij oppast op vijf kindjes uit de buurt die zo uit school komen. Laat de toekomst maar komen!

Read More